Verdergaan naar hoofdinhoud
Banner_Indoorpol

 

Zoeken
Onthaal
Methodologie
Micro-organismen
Woning
Gebouwen en kantoren
Andere omgevingen
Infofiches
  
Indoorpol > Micro-organisem > microorganismen > Schimmels  

Figuur 1: Cladosporium herbarum (ongeslachtelijke sporen en hyfen)  

   
 Figuur 2: de verschillende delen van een schimmel (Penicillium sp.) Figuur 3: sporen van Alternaria alternata

 

Figuur 4: Stachybotrys chartarum

   
 Figuur 5: Fusarium sp.  Figuur 6: Aspergillus fumigatus
   
 Figuur 7: Patuline (Penicillium expansum)  Figuur 8: Sterigmatocystine (Aspergillus versicolor)
 

 

 

Algemeen

Met deze vage wetenschappelijke naam worden schimmels bedoeld van een hele reeks zwammen die in feite tot zeer diverse taxonomische groepen behoren. Schimmels kunnen zich even snel voortplanten als bacteriën en zich aan de meest extreme omstandigheden aanpassen. Er zijn tienduizenden soorten. Deze microscopische zwammen zijn meercellig en bestaan uit filamenten of hyfen die een mycelium vormen. Het mycelium kan soms ontelbare structuren dragen voor de voortplanting met sporen (figuur 1), waarvan de omvang kan variëren van 1 tot enkele tientallen microns, afhankelijk van soort en type.

Er zijn twee vormen van reproductie: geslachtelijk en ongeslachtelijk. Bij de ongeslachtelijke voortplanting verspreidt de zwam een groot aantal minuscule sporen. Ze worden onder andere geïdentificeerd aan de hand van de specifieke kenmerken van de "sporendragers" of conidioforen (ongeslachtelijk) (figuur 2).

Als er geen conidiofoor is, spreken we van een steriel mycelium. Deze kan niet geïdentificeerd worden.

Schimmels zijn bekend om de anti-bacteriële stoffen die ze uitscheiden: antibiotica. Ze maken ook toxines, of mycotoxines, en vluchtige stoffen die zeer schadelijk kunnen zijn voor de gezondheid.

Allergieën

Soms raakt ons natuurlijke afweersysteem, dat bedoeld is om ons te beschermen tegen aanvallen van buiten, ontregeld. Het begint dan op overdreven wijze te reageren tegen stoffen die normaal onschadelijk zouden moeten zijn. De reactie slaat op hol en dan spreken we van een allergische reactie. Een allergie is dus een abnormale en overdreven reactie van ons immuunsysteem op een uiterst kleine hoeveelheid stoffen uit onze omgeving, zoals pollenkorrels, dierenhaar, schimmels, voedingsstoffen, enz.

Gelukkig is niet iedereen allergisch. In de Verenigde Staten wordt er geschat dat zo'n 15% van de bevolking allergisch is. Bij een atopische persoon kan de allergie soms zeer laat verschijnen of na een complexe samenloop van omstandigheden.

Bij een allergische persoon kunnen de symptomen optreden als gevolg van de druk uit de omgeving. In de geïndustrialiseerde landen brengen de meeste mensen 90% van hun tijd binnen door (thuis, werkplaats, auto, metro, ...). De kwaliteit van het milieu binnen speelt dus een fundamentele rol in de ontwikkeling van allergische aandoeningen.

De lijst van de nieuwe gevallen van allergieën waarbij schimmels betrokken zijn (dermatitis, ademhalingsallergieën) blijft gestaag groeien. De laatste tien jaar werd er aanzienlijke vooruitgang geboekt in de identificatie, purificatie en karakterisatie van sommige allergenen geproduceerd door schimmels. Dit is met name het geval voor Alternaria alternata (figuur 3), Cladosporium herbarum (figuur 1), Aspergillus fumigatus (figuur 6) of Candida albicans.

Mycotoxines

Mycotoxines (figuren 7 & 8) worden geproduceerd door talrijke schimmels en zijn secundaire metabolieten met laag molecuulgewicht (tussen 200 en 10.000 dalton) vergeleken met allergenen. Deze stoffen zijn gelocaliseerd in de wand van de hyfen en sporen, en zijn vooral in deze laatste geconcentreerd.

Het is welbekend dat de inname van mycotoxines zoals aflatoxines, trichothecenen, enz., ernstige gezondheidsproblemen en zelfs de dood kan veroorzaken. Recente studies hebben aangetoond dat identieke doses van deze mycotoxines giftiger kunnen zijn bij inhalatie dan via de mond.

Deze mycotoxines, zoals de trichothecenen geproduceerd door Stachybotrys chartarum (S. atra) (figuur 4) of Fusarium spp. (figuur 5), patuline en penicillinezuren geproduceerd door sommige Penicilliums, zijn acuut toxisch gebleken voor macrofagen in de longblaasjes... Het lijkt dus mogelijk dat inhalatie van grote hoeveelheden toxinebevattende sporen een invloed kan hebben op het ademhalingsstelsel.

1-3-b-Glycanen

Alle reacties door contact of inhalatie van schimmels en andere micro-organismen zijn niet noodzakelijk van allergische aard. Men mag de irriterende of toxische effecten op de gezondheid niet onderschatten. 1-3-b-glycanen  zijn componenten van de celmembraan, specifiek voor verschillende groepen van levende wezens. Zo ook voor schimmels en sommige bacteriën. Ze zijn ook niet helemaal uit te sluiten in het plantenrijk. Deze verbindingen zijn polysacchariden van glucosemonomeren. Ze zouden betrokken kunnen zijn bij het ontstaan van de symptomen van "Sick Building Syndrome". Vorsers hebben aangetoond dat 1-3-b-glycanen een inflammatoire uitwerking hebben op de slijmvliezen (activatie van macrofagen) en dit zou de oorzaak kunnen zijn van uiteenlopende biologische effecten, zoals chronische ademhalingsproblemen, of oververmoeidheid in geval van langdurige blootstelling.

MVOS (microbiële vluchtige organische stoffen)

Recent onderzoek wijst uit dat schimmels ook uiteenlopende vluchtige organische stoffen produceren. De schimmelgeur in sommige sterk getroffen gebouwen getuigt hiervan. Talrijke organische stoffen, waaronder ethylhexanol, waarvan de irriterende eigenschappen welbekend zijn, werden gedetecteerd in zuivere culturen met Aspergillus versicolor. De productie van deze verbinding zou sommige symptomen gedeeltelijk kunnen verklaren, zoals irritatie van de ogen, de huid, en de bovenste ademhalingswegen. In 1997 hebben vorsers in de filters en in glasvezels verschillende fungale vluchtige organische stoffen (FVOS) gemeten, met name hexanal en 2-cyclohexen-1-ol. Deze verbindingen lijken ook afkomstig te zijn van schimmels.

Vocht speelt een belangrijke rol in de ontwikkeling van schimmels en de productie van mycotoxines. In 1998 werd er aangetoond dat de productie van de geanalyseerde FVOS, waaronder 3-methyl-1-butanol, 1-pentanol, 1-hexanol, en 1-octen-3-ol, afhangt van de relatieve luchtvochtigheid. De grondlucht die vaak gemeld wordt is te wijten aan 2-octen-1-ol en aan geosmine, dat ook geproduceerd wordt door enkele Thermoactinomyceten.

Over het algemeen is de concentratie van deze bestanddelen in de lucht laag, maar langdurige blootstelling zou de gezondheid schade kunnen toebrengen.