Verdergaan naar hoofdinhoud
Banner_Indoorpol

 

Zoeken
Onthaal
Methodologie
Micro-organismen
Woning
Gebouwen en kantoren
Andere omgevingen
Infofiches
  
Indoorpol > Methodologie > Methodenl > Lucht  

 

 1. Open petridoosje

 Het is de eenvoudigste techniek om de aandacht te vestigen op de levende micro-organismen in de lucht die ons omgeeft en die wij inademen. Een Petriplaat, gevuld met een specifieke voedingsbodem wordt gedurende 8 uur opengelaten. De plaat wordt vervolgens verschillende dagen geïncubeerd. Nu moeten alleen nog kolonies die aan de oppervlakte van de voedingsbodem verschijnen worden geteld en geïdentificeerd.

Net zoals alle methoden die een beroep doen op een agar voedingsbodem kunnen alleen de levende kiemen worden geïsoleerd en de keuze van de voedingsbodem en de incubatietemperatuur zijn beslissend.

 

Petriplaat tijdens de staalname

 

Petriplaat na staalname en incubatie, met bacteriën

_____________________________________________________________________________________________________________________________________________________________

 

2. Sedimentatie op een glasplaat

Deze methode is afgeleid van de vorige. Het Rodacdoosje wordt aangebracht op een glasplaat dat 7 dagen in het te bestuderen milieu is gebleven. De plaat is eerst goed ontsmet met een alcoholoplossing (t0). Deze methode maakt het mogelijk om de hoeveelheid micro-organismen te bepalen aanwezig in het luchtstof gedurende een bepaalde periode.

      

Staal in dit geval genomen met behulp van een doosje met DRBC

 

 

Doos met MEAChloramfenicol, na incubatie gedurende 5 dagen bij 25°C

 ____________________________________________________________________________________________________________________________________________________________

3. Impactors

Het schimmelgehalte in de lucht kan preciezer worden gemeten met behulp van apparaten, impactors, die speciaal zijn ontworpen om een bepaald luchtvolume op een aangewezen draagvlak te projecteren. Zoals voor de afdruk van een oppervlak kan het om een transparant zelfklevend draagvlak gaan zoals plakband of tape, wat het mogelijk maakt om te observeren, te tellen en soms snel sporen in de lucht te identificeren. Het kan eveneens een agar voedingsbodem zijn waarop de sporen zullen ontwikkelen na een verblijf van enkele dagen in de broedstoof, over het algemeen bij 25°C (incubatieperiode). Deze technieken moeten evenwel door een gespecialiseerd laboratorium worden uitgevoerd.    

 

Een bepaald luchtvolume wordt genomen met behulp van een impactor met een transparant zelfklevend draagvlak   Een bepaald luchtvolume wordt genomen met behulp van een impactor met agar bodem
Voorbeeld van een draagbare impactor met gebruikmaking van zelfklevende glasplaatjes Drie voorbeelden van impactors met gebruikmaking van strips of Petridozen met agar voedingsbodem 

Plakband na specifieke kleuring in het laboratorium: aanwezigheid van Alternaria en Cladosporium

Eerste beeld, bijvoorbeeld op agarstrips, verkregen na incubatie van 5 dagen bij 25°C
Definitief verkregen beeld van kolonies die specifiek onder de microscoop zijn onderzocht

   Voor en nadelen 

Resultaten uitgedrukt in aantal waargenomen sporen/m3

Voor en nadelen 

Resultaten uitgedrukt in KVE/m3 (=KolonieVormende Eenheid/m3)

Werkelijk beeld van de besmetting maar niet altijd gemakkelijk te identificeren Vervalst beeld door de keuze van de kweekparameters (agar voedingsbodem, t°) en door het verschil in groeisnelheid van de aanwezige soorten. Bovendien worden alleen levensvatbare sporen opgespoord. Daartegenover beschikken wij over levende stammen voor de identificatie en later onderzoek.
_____________________________________________________________________________________________________________________________________________________________

4. Impigermethode

De lucht wordt aangezogen en wordt door een aanvankelijk steriele vloeistof gestuwd. De verkregen oplossing wordt vervolgens op een specifieke agar voedingsbodem geënt. Wanneer de besmetting hoog wordt geacht en/of de genomen hoeveelheid groot is, kan de techniek van de opeenvolgende verdunningen worden toegepast.

Deze methode is geschikt voor fel vervuilde omgevingen en voor kiemen die gevoelig zijn voor uitdroging.

 

Wasfles en pomp

 _____________________________________________________________________________________________________________________________________________________

 

5. Filterapparatuur

- Apparaat met groot volume

De lucht wordt gefilterd en het stof wordt ingezameld op de filter, indien de filter bestaat uit een agar bodem wordt deze meteen in een oplossing gebracht. De verkregen oplossing wordt vervolgens op een specifieke agar bodem geënt. Wanneer de besmetting hoog wordt verondersteld en/of de genomen hoeveelheid groot is, kan de techniek van de opeenvolgende verdunningen worden toegepast.

Deze methode is geschikt voor fel vervuilde omgevingen. De hoeveelheden die worden afgenomen kunnen groot zijn. Kiemen die gevoelig zijn voor uitdroging kunnen echter worden onderschat of zelfs onopgemerkt blijven. 

- Pompen met een klein volume 

Deze pompen maken het mogelijk om de lucht over een relatief lange periode aan te zuigen. In het algemeen draagbaar en  gemaakt om gedurende bijvoorbeeld een werkdag lucht aan te zuigen. Zij kunnen worden uitgerust met filters die het mogelijk maken om het stof en de ermee geassocieerde kiemen te bemonsteren of met absorberende patronen die de analyse van diverse chemische stoffen mogelijk maken.

 

Sartoriuspomp met agaragarfilter (30 à 100 L/min.)

 

 

Pomp met klein volume (max. 5 L/min.)

 

 _____________________________________________________________________________________________________________________________________________________