Verdergaan naar hoofdinhoud
Banner_Indoorpol

 

Zoeken
Onthaal
Methodologie
Micro-organismen
Woning
Gebouwen en kantoren
Andere omgevingen
Infofiches
  
Indoorpol > Methodologie > Methodenl > Gecontamineerde oppervlakken  


Gecontamineerde oppervlakken


1. Plakband of tape

Een strookje transparante plakband van ongeveer 3 cm wordt voorzichtig aangebracht op een verdacht oppervlak, zoals een gekleurde vlek op een muur, om er een afdruk van te maken. Het strookje wordt vervolgens terug op het glasplaatje (voorwerpglaasje) gelegd dat in de microscopie wordt gebruikt. In het laboratorium wordt het strookje plakband gekleurd en met een fijn glasplaatje (dekglaasje) bedekt voor een optimaal microscopisch onderzoek van het preparaat. Deze methode geeft een trouw beeld van het onderzochte oppervlak. Bovendien vindt het onderzoek onmiddellijk en snel plaats. De afdruk van de schimmels biedt soms onvoldoende microscopisch materiaal voor een volledige identificatie. Alleen heel getypeerde soorten worden zo geïdentificeerd. Er kunnen wel andere elementen aan de tape kleven en herkend worden, zoals muurmijten, soms heel talrijk, die zich met schimmels voeden. Het is handig dat de stalen niet naar het laboratorium moeten worden gebracht.

Plakband aangebracht op een glasplaatje dat in de microscopie wordt gebruikt Plakband aangebracht op een verdacht oppervlak en opnieuw op het glasplaatje gelegd Plakband na specifieke kleuring in het laboratorium: aanwezigheid van Chaetomium en mijten
Plakband na specifieke kleuring in het laboratorium: aanwezigheid van Stachybotrys chartarum

Plakband na specifieke kleuring in het laboratorium: aanwezigheid van Cladosporium sphaerospermum

Plakband na specifieke kleuring in het laboratorium: aanwezigheid van Penicillium sp. (in het blauw)

__________________________________________________________________________________________________________________________________________________

2. RODAC (Replicating Organisms Direct Agar Contact)

Deze techniek bestaat erin een bijzonder doosje te gebruiken waarin de agaragar voedingsbodem over de rand van het doosje komt, onder de vorm van een convexe meniscus. Door deze meniscus op de verdachte plaats aan te brengen, komt een groot deel van de kiemen op de agaragar voedingsbodem vast te zitten. Zo wordt op een oppervlak van iets minder dan 25 cm2 een afdruk van het te onderzoeken substraat gemaakt. In dit geval garandeert de dagenlange incubatie bij een constante specifieke temperatuur (over het algemeen 22, 25, 37 of 45°C) de groei en de ontwikkeling van de verzamelde kiemen. Deze zullen kleine kolonies ontwikkelen, wat een afdruk van het onderzochte materiaal oplevert. In vergelijking met de plakbandtechniek maakt deze methode het mogelijk om levende kolonies te isoleren, wat bevorderlijk is voor hun identificatie en de gelegenheid biedt om interessante stammen te bewaren. Het grootste nadeel van deze methode is het feit dat de species die tijdens de incubatieperiode snel groeien en/of overvloedig sporen produceren worden bevoorrecht. Het beeld dat het doosje geeft, beantwoordt dus niet altijd aan de werkelijkheid. Bovendien moet het doosje naar het laboratorium worden gebracht op de dag dat het staal is genomen.

Rodacdoosje vóór het aanbrengen  Rodacdoosje aangebracht op het beschimmelde of verdachte oppervlak Rodacdoosje na incubatie gedurende 5 dagen: de schimmels ontwikkelen zich en kunnen worden geïdentificeerd
_____________________________________________________________________________________________________________________________________________________